voor 4 personen: - 4 verse worstjes - 4 pittige runderworstjes - 2 uien - 3 teentjes knoflook - 75 gr boter of margarine - 750 gr (wijn)zuurkool - 6 jeneverbessen - 2 laurierblaadjes - 200 gr rookspek (stukje) - 4 dikke plakken casselerrib van 100 gr - 250 ml witte wijn - peper en zout De diverse worstjes ongeveer 5 minuten in heet water leggen, dan eruit halen en droog deppen met keukenpapier. De uien en de teentjes knoflook pellen en snipperen. De boter in een braadpan verhitten en de worstjes op matig hoog vuur rondom bruin bakken, dan uit de pan nemen en apart leggen De uien en de knoflook in het braadvet goudbruin bakken. De zuurkool, jeneverbessen, laurierblaadjes, een halve theelepel peper en een halve theelepel zout erdoor roeren Het spek en de casselerrib tussen de zuurkool leggen, en het geheel afgedekt, zachtjes in 3 uur gaar stoven. De worstjes 10 minuten voor het einde van de kooktijd op de zuurkool leggen Serveren met bijvoorbeeld gekookte aardappels en een beetje mosterd |